Bier en speciaalbier

Laatst las ik het weer eens: “bier en speciaalbier”. Bedoeld werd: pils en niet-pils. Ik las het op een vooraanstaand bierblog. Waarom ik vind dat we het s-woord niet langer moeten gebruiken, leg ik graag uit.

Om te beginnen: het woord ‘speciaalbier’ zegt niets over het bier dat je drinkt. Niets over de geur, kleur of smaak van het bier. Niets over de herkomst, geschiedenis of manier van maken.

Bier is bier. En het is allemaal even speciaal, inclusief pils. Als je specifiek wilt zijn, dan hebben die bieren een naam. Namelijk de naam van de stijl, en ook nog de naam die de brouwer er aan geeft. Door de naam van de stijl te gebruiken, kun je je een beeld vormen van wat je mag verwachten van het bier in de fles, blik of tapkraan. (Tip: daar is laatst nog een leuk boekje over verschenen). De naam die de brouwer aan zijn bier meegeeft is handig als je iemand wilt tippen over ‘dat lekkere biertje’ dat je laatst ergens dronk. Of als je je volgende Untappd-badge wilt halen.

Kortom, het s-woord is een nietszeggend woord, en kunnen we om die reden alleen al maar beter afschaffen.

Er is echter meer aan de hand met dit woord.

Kritische massa

De diversiteit aan bier is tegenwoordig groter dan ieder van ons ooit heeft meegemaakt. Brouwers, tussenhandel, detailhandel, bierliefhebbers (en uiteindelijk ook de aanbiedingskrattendrinker, al weet ie dat nog niet) hebben belang bij die diversiteit. Immers, ze leven er van en ze genieten er van. Ook de horeca in zijn algemeenheid heeft er belang bij. Want hoewel al die verschillende flesjes en blikjes en soorten en leveranciers natuurlijk een hoop gedoe betekent: uiteindelijk draait het om de klant. De beleving, de ervaring, of welk woord er ook aan omzet en marge wordt gekoppeld, wordt immers verhoogd door middel van meer variatie.

Daar gaat het dus om: de bierdiversiteit behouden. Of zelfs nog vergroten. Voor nu en later. Niet alleen voor de mensen die zich bierliefhebber of beergeek of, godbetere, bieraficionado noemen, maar voor iedereen. Zelfs voor de mensen die (nu) geen bier drinken. Voor de kritische massa, in de natuurkundige betekenis. En misschien ook wel in een sociale betekenis, nu ik dit opschrijf.

Als we willen dat de bierdiversiteit blijft, die kritische massa bereikt, dan gaat het er om een gewoonte te veranderen. En iets speciaals is geen gewoonte. Dat kun je makkelijk buiten de deur houden. Iets blijft als het ‘normaal’ is. Iets ‘speciaals’ is een ‘hype’ of een ‘mode’ en wordt morgen voor iets anders ingeruild. Door het maar ‘speciaal’ te blijven noemen kun je je er makkelijk tegen afzetten. Vooroordelen als “van speciaalbier word je snel dronken”, “het is allemaal zwaar en zoet”, “ik wil niet uit de toon vallen in de groep”, “ik ben niet zo van die smaakjesbieren” kunnen blijven bestaan doordat het niet-standaard-kroegpils op het ‘speciaal’ voetstuk wordt geplaatst. Noem iets normaal, en mensen vinden het ook normaal.

De duvel en z’n ouwe moer

Dus laten we ophouden het bier, en ook een beetje onszelf, speciaal te noemen. Laten we het bier normaal noemen. Wat speciaal is, is dat we heel lang de keuze uit maar één soort bier hebben gehad. Wat normaal is, is dat er variatie is in bier. Dat er keuze is. Vroeger tussen Leidsch, Haarlemsch en Beiersch bier, om maar wat te noemen. En nu tussen van alles en nog wat: de duvel en z’n ouwe moer aan stijlen die door de eeuwen en landen en streken heen ooit zijn ontstaan, zijn te verkrijgen in verschillende reïncarnaties, permutaties en variaties. En dat is de situatie die we als ‘normaal’ zouden willen bestempelen.

Iedereen die bier een warm hart toedraagt, of er een boterham mee verdient, of allebei, zou zijn en haar uiterste best moeten doen het s-woord zo snel mogelijk uit te roeien. For the love and the money. Het s-woord is de bijl aan de wortel van de diversiteit in het bierlandschap. Het s-woord is als oprukkend Sahara-zand, dat alles zal verdorren indien het geen halt wordt toegeroepen. Het s-woord verhindert de emancipatie van bier.

Tante Sjaan

Wil je niet dat alles over een tijdje weer is zoals het 20-30 jaar geleden was, hou dan op met het s-woord. Laten we normaal doen over bier. Voed personeel en klanten op, zodat ook zij op een normale manier over bier praten. Zodat het normaal wordt dat een willekeurige klant, ook degene die niet tot de huidige incrowd van beergeeks behoort, een saison of een porter of een barley wine kan en durft te bestellen aan de bar van café Tante Sjaan. En dat daar dan niemand van opkijkt.

Dát zou pas speciaal zijn.


PS: wat m.i. zou helpen, is dat er een alternatieve ‘makkelijke doordrinker’ komt. Want dat USP heeft pils nog altijd: veel voor weinig, makkelijk en overal verkrijgbaar. Geen gelul, vijf bier. Kan dat niet een Kölsch of een Dort-achtige zijn? Of, doe eens gek, een amber lager. Nog gekker: een saison. Als je wijn bestelt in een gemiddelde kroeg, heb je op zijn minst de keuze tussen ‘wit en ‘rood’, en vaak nog ‘zoet’ en ‘droog’. Laat er dan voor bier ook een minimale universele keuze zijn tussen ‘pils’ en een ander standaardbier, van welke brouwer het ook komt.

Reageren is niet mogelijk